• Insuline voor diabetespatiënten hoeveel en wanneer

Diabetes: insulinepen of insulinepomp?

2017-03-06T12:16:50+00:00november 5th, 2014|Diabetes Algemeen|0 Reacties

Diabetes: insulinepen of insulinepomp?

Insulinepen of juist een insulinepomp

Insuline is de stof die door het lichaam aangemaakt wordt op het moment dat het glucosegehalte in je bloed te hoog wordt. De insuline zorgt er dan voor dat het teveel aan glucose uit je bloed gehaald wordt door het op transport te zetten naar de plekken in je lichaam waar de energie nodig is.

Als er op dat moment geen extra energie nodig is, dus als je niet beweegt, dan zorgt de zelfde insuline, samen met een aantal andere stoffen, er voor dat dezelfde glucose omgezet wordt naar lichaamsvet en opgeslagen wordt in je lichaam. Dit gebeurt dan meestal in de buikstreek en de bovenbenen.

Als op een later tijdstip een tekort aan insuline is, gaat je lichaam dit vet weer ophalen, terugzetten naar glucose en verbranden. Ik moet er wel eerlijk bij zeggen dat het opslaan gemakkelijker is dan het verbranden op later tijdstip.

Met andere woorden: De kilootjes gaan er sneller aan, dan dat je ze ooit weer kwijt raakt.

Op het moment dat je bloedsuikerspiegel stijgt, wordt er dus insuline aangemaakt. Hoe meer je bloedsuikerspiegel stijgt, hoe meer insuline. Als je dus op een bepaald moment veel snelle suikers eet, zal je bloedsuikerspiegel als een raket omhoog schieten. De insuline wordt aangemaakt waardoor de piek weer gaat zakken naar de normale waarde.

Maar vaak zakt het glucosegehalte dan door deze lage waarde heen, waardoor de bloedsuikerspiegel te laag wordt. Er gaat dan een seintje naar je hersenen dat je lichaam glucose nodig heeft. Je hersenen vertalen dit als: “Loop nu weer naar de snackautomaat en koop die laatste chocoladereep.”.

Hierna begint het hele proces opnieuw. Om je lichaam gezond te houden, en overgewicht te voorkomen, is het dus zaak om de bloedsuikerspiegel zo stabiel mogelijk te houden en uitschieters te vermijden. Insuline is de stof die dit moet regelen, maar loopt eigenlijk altijd achter de feiten aan waardoor de pieken en de dalen gaan ontstaan.

Bij mensen die last hebben van diabetes, wordt er door het lichaam geen, of te weinig, insuline aangemaakt. Ook kan het zijn dan je resistent bent tegen insuline. Dit laatste houdt dan in dat je lichaam helemaal niet meer reageert op de aangemaakte insuline.

Als een diabetespatiënt dus een reep chocolade eet, dan zal de bloedsuikerspiegel stijgen zonder dat dit in de hand gehouden kan worden door insuline. Als dit té veel gebeurt kan dit hele ernstige gevolgen hebben. Deze mensen moeten dus insuline op een kunstmatige manier in het lichaam brengen om de glucose te vervoeren van het bloed naar de plaatsen waar het op dat moment nodig is.

Het uiteindelijke doel: De bloedsuikerspiegel zo stabiel mogelijk houden.

Als je diabetes hebt, zijn er twee mogelijkheden om op een kunstmatige manier insuline in je lichaam te krijgen: Door middel van spuiten  met een injectie of een insulinepen, of door middel van een insulinepomp. Deze laatste gaat min of meer automatisch. In principe zijn beide vormen beschikbaar voor diabetespatiënten. Om jou een goede keuze te laten maken, zet ik de voor- en nadelen van beide manieren op een rijtje:

De insulinepen

De insulinepen is in feite een injectiespuit, maar dan in een draagbare vorm. Door de lange vorm wordt het ook wel een insulinepen genoemd. De pen moet gevuld worden met een voorraadje insuline, waarna je hem zo bij je kunt steken. De basale hoeveelheid insuline, dus de hoeveelheden die je de hele dag door nodig hebt om te kunnen functioneren, worden toegediend met zogenaamde langwerkende insuline. Rondom de maaltijden wordt, dus met een tweede insulinepen, kortwerkende insuline toegediend om de piek in het glucosegehalte van het bloed op te kunnen vangen.

Aan de achterzijde van de pen zit een draaiknop waarmee je de hoeveelheid insuline kunt regelen. Het prikken gebeurt meestal in de buik, in een bil, in een bovenarm of in een bovenbeen. Hierbij is regelmatig afwisselen erg belangrijk om te voorkomen dat je té veel op één plek spuit. Dit kan eventueel gaan ontsteken.

De voordelen van de insulinepen:

  • Je bent heel erg flexibel. Je hebt alleen je pen(nen) bij je en verder helemaal niets op je lichaam geplakt, zoals bij een pomp wel het geval is. Je kunt dus, zonder moeilijk te doen, gewoon gaan zwemmen, douchen of sporten.

De nadelen van de insulinepen:

  • Er is altijd een kans(je) dat je vergeet te prikken.
  • Vlak voor de maaltijd moet je altijd bijspuiten met kortwerkende insuline, dus met een andere pen.
  • Je hebt twee verschillende pennen bij je, langwerkend en kortwerkend. Hierin kun je je dus vergissen.
  • Je moet jezelf ongeveer 4 a 5 keer per dag prikken.
  • Om te prikken, moet je vaak even een privé-plekje opzoeken. Dit kan vervelend zij  als je op een feestje bent, of aan het winkelen bent.

De insulinepomp

De insulinepomp was van oorsprong alleen beschikbaar voor mensen die heel slecht reageerden op het ‘normale’ inspuiten van insuline met behulp van injecties. Ondanks deze injecties bleven de mensen last houden van hoge pieken en diepe dalen. Zij zouden dus gebaat zijn bij nog meer gespreide toediening van de insuline.

De insulinepomp doet dit voor je: Met behulp van kortwerkende insuline wordt er gedurende de dag automatisch kleine hoeveelheden in je lichaam gespoten. Hier hoef je, als alles ingeregeld is, niet meer naar om te kijken. Wel moet je even extra geven op het moment dat je gaat eten. Je draagt het pompje op je lichaam, wat met een slangetje verbonden is met een soort infuus. Dit systeem werkt 24 uur per dag, dus slaap je ook met de pomp. Het klinkt allemaal mooi met een pomp, en dat is het in feite ook, maar er kleven ook nadelen aan. Ik zet alles even voor je op een rijtje:

De voordelen van de insulinepomp:

  • Het verwisselen van het infuus zal 2 a 3 x per week gebeuren. Dit is een grote verbetering ten opzichte van de insulinepen waarmee je per week wel 35 prikmomenten hebt.
  • De bediening is erg eenvoudig en discreet. Je kunt de pomp bedienen zonder dat iemand dit in de gaten heeft.
  • Je kunt de hoeveelheid insuline per half uur aanpassen, als je bijvoorbeeld gaat sporten of als je ziek bent. Deze omstandigheden vragen om andere hoeveelheden, wat met een pen heel erg lastig is om bij te regelen.
  • Je kunt bij de luxere versies zelfs je insuline programmeren voor de hele week. Dus verschillende hoeveelheden basale insuline voor een sportdag, voor het weekend en voor een schooldag.
  • Er worden ook wel insulinemeters met de pomp meegeleverd. Met deze gegevens berekend de pomp zelf de insulinebehoefte van dat moment. Ook kun je deze gegevens zelf uitlezen, zodat je voor een maaltijd de juiste hoeveelheid bij kunt spuiten.
  • De pomp geeft vaak ook de hoeveelheid insuline in je lichaam aan, wat nog actief is. Hierdoor spuit je nooit te veel bij wat zorgt voor een stabielere bloedsuikerwaarde.

De nadelen van de insulinepomp:

  • Het kan gebeuren dat het infuus verstopt raakt. Dit merk je vrij snel, maar tegenwoordig geven de pompen dit zelf ook aan door middel van trillingen of een geluidssignaal.
  • De pomp is op je lichaam geplakt. Het maakt niet uit waar, maar dit kan wat vreemd voelen in het begin. Ook moet je voorzichtig zijn met aan en uitkleden.
  • De meeste pompen zijn niet waterdicht. Een spatje regen is niet erg, maar douchen en zwemmen kun je niet met deze pompen. Dan doe je de pomp af, samen met het slangetje. Je plakt dan een pleister over je infuusnaald heen om deze te beschermen. Je kunt eventueel voor het zwemmen even wat extra bijspuiten om de tijd te overbruggen.
  • Als de waardes extreem hoog of extreem laag zijn, is een pen handiger om even bij te spuiten dan een pomp. Je kunt eventueel, voor noodgevallen, één of meerdere pennen in je tas stoppen.

Pimp je Pomp

Met name voor kinderen kan de pomp een last zijn. Ze gaan het misschien proberen te verstoppen onder de kleren en schamen zich er voor. Maar je kunt het hele verhaal ook omdraaien. Van je insulinepomp kun je een heel leuk item maken wat past bij jouw (kleding)stijl. En de pomp mag dan ook gezien worden. Niks om je voor te schamen. Het is een onderdeel van je leven waar je niet meer omheen kunt, dus waarom dit dan niet op een leuke manier aankleden?

Er zijn allerlei leuke stickers verkrijgbaar om je pomp een beetje te ‘pimpen’. Voor je gemak zijn er ook allerlei clips te krijgen waardoor je de pomp niet meer hoeft te plakken, maar zo aan je broekriem of aan een ander kledingstuk vast kunt maken.

De moeder van een jongetje wat diabetes heeft, maakt zelf allemaal leuke tasjes voor de insulinepomp. Kijk hiervoor maar eens op haar site http://www.pomptasjes.nl Een heel leuk initiatief waar veel kinderen plezier van kunnen hebben. Natuurlijk kun je zelf ook iets leuks maken.

Heb je zelf ervaring met een insulinepen of pomp? Laat het mij weten door hieronder een reactie achter te laten!

Reactie achterlaten

Over de Auteur:

Robert Jan (RJ) is de initiatiefnemer en het (nieuwe) gezicht van OptimaleGezondheid. Zijn missie is om Nederland gezonder te maken door middel van kleine slimme aanpassingen in je leefstijl! Hij heeft zelf jarenlang te kampen gehad met gezondheidsklachten en helpt mensen naar een gezonder leven via de blog, trainingen, workshops en boeken.
Zoek Op Klacht: