
Risicofactoren voor een blaasinfectie: wie loopt het meeste risico en waarom?
Waarom krijgen sommige mensen vaker een blaasinfectie? Ontdek de risicofactoren voor vrouwen, mannen en kinderen — wetenschappelijk onderbouwd.
Vrouwen lopen beduidend meer risico op een blaasinfectie dan mannen — dit heeft in de eerste plaats te maken met de kortere urinebuis. Maar ook leeftijd, hormonale veranderingen, seksueel gedrag en anticonceptiemethoden spelen een aantoonbare rol. Hier lees je welke factoren het risico verhogen en wanneer je een arts moet raadplegen.
Waarom vrouwen vaker een blaasinfectie krijgen
De vrouwelijke urethra (urinebuis) is gemiddeld slechts 8 cm lang; bij mannen bedraagt die ongeveer 20 cm. Daardoor bereiken darmbacteriën — met name Escherichia coli (E. coli) — gemakkelijker de blaas.1 Blaasinfecties zijn de op een na meest voorkomende infectieuze aandoening bij vrouwen, en naar schatting 50–60% van alle vrouwen krijgt in hun leven ten minste één blaasinfectie.21
Seksueel gedrag en anticonceptie als risicofactor
Bijna 80% van de blaasinfecties bij premenopauzale vrouwen treedt op binnen 24 uur na geslachtsgemeenschap.3 Het risico is extra verhoogd bij:
- Frequent seksueel contact na een periode van onthouding
- Gebruik van een pessarium (diafragma) als anticonceptiemiddel
- Gebruik van spermiciden die nonoxynol-9 bevatten — deze stof verstoort de vaginale flora en verhoogt de kans op bacteriële kolonisatie2
Blaasinfecties zijn geen seksueel overdraagbare aandoeningen (soa’s), maar seksuele activiteit vergemakkelijkt wel de overdracht van darmbacteriën naar de urethra.
Blaasinfecties tijdens de zwangerschap
Zwangerschap zelf verhoogt het risico op een gewone blaasinfectie niet significant.3 Maar als er een infectie optreedt, is de kans groter dat die uitgroeit tot een nierbekkenontsteking (pyelonefritis) — een ernstigere aandoening met koorts en rugpijn. Daarom wordt tijdens de zwangerschap routinematig gecontroleerd op asymptomatische bacteriurie (bacteriën in de urine zonder klachten). Meld klachten altijd bij je verloskundige of huisarts; meer informatie vind je op Thuisarts.nl.
Na de overgang: verhoogd risico door minder oestrogeen
Na de menopauze stijgt het risico op blaasinfecties aanzienlijk. Een dalende oestrogeenspiegel zorgt voor verdunning van de slijmvliezen in de urinewegen en verandert de vaginale bacteriepopulatie, waardoor E. coli minder weerstand ontmoet.2 Bij postmenopauzale vrouwen met terugkerende infecties kan lokale oestrogeentherapie — een vaginale crème of zetpil — het risico verlagen. Bespreek dit altijd eerst met je huisarts.
Antibioticagebruik en verstoring van de vaginale flora
Antibiotica doden niet alleen ziekteverwekkende bacteriën — ook de beschermende Lactobacillus-bacteriën in vagina en urinewegen worden aangetast.2 Na een antibioticakuur kan E. coli tijdelijk de overhand krijgen, wat bij sommige vrouwen leidt tot een nieuwe infectie kort na behandeling van de vorige. Dit patroon is een veelgehoorde klacht bij terugkerende blaasinfecties.
Risicofactoren bij mannen
Blaasinfecties zijn bij mannen zeldzamer dankzij de langere urethra.1 Toch kunnen oudere mannen er last van krijgen, met name door een vergrote prostaat (benigne prostaathyperplasie) die de urineafvloed belemmert, of door een prostaatontsteking (prostatitis). Bij mannen verlopen blaasinfecties vaker ernstig; raadpleeg altijd een arts bij vermoedelijke blaasinfectie bij een man.
Blaasinfecties bij kinderen
Blaasinfecties zijn bij kinderen minder gebruikelijk, maar niet zeldzaam: de geschatte prevalentie ligt tussen de 3 en 7% in de kinderleeftijd.4 Er bestaat een opvallend geslachtsverschil:
| Leeftijdsgroep | Hogere prevalentie bij |
|---|---|
| Eerste levensmaanden | Jongens (met name onbesneden) |
| Na het eerste jaar | Meisjes (~8% vs ~2% bij jongens) |
| Schoolleeftijd | Meisjes |
Een specifieke anatomische afwijking — vesicoureterale reflux (VUR), waarbij urine terugstroomt van de blaas naar de urineleiders — is verantwoordelijk voor een significant deel van de blaasinfecties bij kinderen.5 VUR komt voor bij ongeveer 10% van de kinderen en vergroot het risico op nierschade als infecties onbehandeld blijven.5 Herhaalde infecties bij kinderen verdienen altijd nader onderzoek door een kinderarts of kindernefroloog.
Overige risicofactoren
Naast de bovengenoemde factoren verhogen ook de volgende omstandigheden het risico op een blaasinfectie:
- Verblijfskatheter: een urinekatheter is een van de meest voorkomende oorzaken van blaasinfecties in ziekenhuizen en verpleeghuizen6
- Diabetes mellitus: verhoogde glucoseconcentratie in de urine bevordert bacteriegroei
- Verminderde weerstand: door ziekte of immuunsuppressieve medicatie
- Structurele afwijkingen van de urinewegen, zoals een aangeboren vernauwing
- Allergische reacties op zeep of vaginale crèmes kunnen de slijmvliezen irriteren en de lokale afweer verlagen
Bij aanhoudende of terugkerende klachten is overleg met je huisarts zinvol.
Veelgestelde vragen
Waarom krijgen vrouwen vaker een blaasinfectie dan mannen?
De vrouwelijke urethra is gemiddeld slechts 8 cm lang, tegenover ongeveer 20 cm bij mannen. Hierdoor bereiken darmbacteriën zoals E. coli gemakkelijker de blaas. Hormonale schommelingen, de menopauze en anatomische kwetsbaarheid versterken dit effect.
Verhoogt seks de kans op een blaasinfectie?
Ja, seksuele activiteit is een van de sterkste risicofactoren bij premenopauzale vrouwen: bijna 80% van de blaasinfecties treedt op binnen 24 uur na geslachtsgemeenschap. Blaasinfecties zijn geen soa, maar seksuele activiteit vergemakkelijkt de overdracht van darmbacteriën naar de urethra. Plassen direct na het vrijen kan het risico verlagen.
Is een blaasinfectie tijdens de zwangerschap gevaarlijk?
Zwangerschap verhoogt het risico op een gewone blaasinfectie niet significant, maar als er een infectie optreedt, is de kans groter dat die doorgroeit naar de nieren (pyelonefritis). Daarom wordt tijdens de zwangerschap routinematig getest op bacteriën in de urine, ook zonder klachten. Meld klachten altijd direct bij je verloskundige of huisarts.
Hoe beïnvloedt de menopauze het risico op blaasinfecties?
Na de menopauze daalt het oestrogeenniveau, waardoor de slijmvliezen in de urinewegen dunner worden en de vaginale flora verandert. Hierdoor ontmoet E. coli minder weerstand. Bij terugkerende infecties kan lokale oestrogeentherapie helpen; bespreek dit met je huisarts.
Kunnen kinderen ook een blaasinfectie krijgen?
Ja, de prevalentie in de kinderleeftijd ligt tussen de 3 en 7%. In de eerste levensmaanden zijn jongens vaker getroffen, maar na het eerste jaar komen blaasinfecties duidelijk vaker voor bij meisjes. Een aangeboren afwijking genaamd vesicoureterale reflux (VUR) is bij kinderen een veelvoorkomende onderliggende oorzaak en kan zonder behandeling leiden tot nierschade.
Verhoogt antibioticagebruik de kans op een nieuwe blaasinfectie?
Antibiotica doden niet alleen ziekteverwekkers, maar tasten ook de beschermende Lactobacillus-flora in vagina en urinewegen aan. Na een kuur kan E. coli tijdelijk de overhand krijgen, wat bij sommige vrouwen leidt tot een nieuwe infectie. Dit mechanisme verklaart waarom terugkerende blaasinfecties soms in een neerwaartse spiraal terechtkomen.
Wanneer moet ik naar de dokter bij een vermoedelijke blaasinfectie?
Raadpleeg altijd een arts bij koorts, rugpijn of pijn in de zij (mogelijke nierbetrokkenheid), bij klachten tijdens de zwangerschap, bij een blaasinfectie bij een kind of bij een man, of als klachten na twee tot drie dagen niet verbeteren. Op Thuisarts.nl vind je een overzicht van wanneer zelfzorg volstaat en wanneer medisch contact nodig is.
Footnotes
-
Mengistu DA, Alemu A, Abdukadir AA. Incidence of Urinary Tract Infection Among Patients: Systematic Review and Meta-Analysis. Inquiry: a journal of medical care organization, provision and financing. 2023. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/37096884/ ↩ ↩2 ↩3
-
Schmiemann G, Kranz J, Mandraka F. The Diagnosis, Treatment, and Prevention of Recurrent Urinary Tract Infection. Deutsches Arzteblatt international. 2024. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/38686602/ ↩ ↩2 ↩3 ↩4
-
Bavanandan S, Keita N. Urinary Tract Infection Prevention and Treatment. Seminars in nephrology. 2023. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/38403525/ ↩ ↩2
-
Brandström P, Hansson S. Urinary Tract Infection in Children. Pediatric clinics of North America. 2022. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/36880924/ ↩
-
Hari P, Meena J, Kumar M. Evidence-based clinical practice guideline for management of urinary tract infection and primary vesicoureteric reflux. Pediatric nephrology (Berlin, Germany). 2024. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/37897526/ ↩ ↩2
-
Cameron AP, Werneburg GT. Foley Catheter Management: A Review. JAMA surgery. 2025. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/40202755/ ↩
Bronnen
- Schmiemann G, Kranz J, Mandraka F — The Diagnosis, Treatment, and Prevention of Recurrent Urinary Tract Infection · Deutsches Arzteblatt international · 2024
- Mengistu DA, Alemu A, Abdukadir AA — Incidence of Urinary Tract Infection Among Patients: Systematic Review and Meta-Analysis · Inquiry: a journal of medical care organization, provision and financing · 2023
- Bavanandan S, Keita N — Urinary Tract Infection Prevention and Treatment · Seminars in nephrology · 2023
- Brandström P, Hansson S — Urinary Tract Infection in Children · Pediatric clinics of North America · 2022
- Hari P, Meena J, Kumar M — Evidence-based clinical practice guideline for management of urinary tract infection and primary vesicoureteric reflux · Pediatric nephrology (Berlin, Germany) · 2024
- Cameron AP, Werneburg GT — Foley Catheter Management: A Review · JAMA surgery · 2025
Gratis + wekelijkse tips
Ontvang gratis 7x KETO Ovenschotels
Inclusief boodschappenlijstje — zo staat er vanavond al een gezonde ovenschotel op tafel. Plus elke week praktische gezondheidsinzichten — altijd uitschrijven mogelijk.
Download gratisLees ook
Meer over aandoeningen

Aandoeningen
Vitamine D en bloeddruk: wat zegt het meest recente onderzoek?
Verlaagt vitamine D je bloeddruk? Wat de D-Health-studie en andere recente onderzoeken zeggen over suppletie, tekort en cardiovasculaire gezondheid.

Blaasontsteking: welke natuurlijke remedies werken echt (en wanneer naar de dokter)?
D-mannose en veenbessenextract zijn het best onderbouwd bij blaasontsteking. Appelciderazijn heeft geen bewijs. Leer wanneer je direct naar de dokter moet.

Cholesterol verlagen op een natuurlijke manier: wat werkt echt?
Cholesterol verlagen zonder medicijnen: plantsterolen, havermout en beweging zijn het best onderbouwd. Ontdek wat werkt en wanneer je een huisarts nodig hebt.

Hoofdpijn verminderen: wat werkt echt per type?
Spanningshoofdpijn, migraine of cluster? Ontdek welke niet-medicamenteuze aanpak echt werkt per type en wanneer je naar de dokter gaat.

Hoofdpijn verminderen: 8 leefstijltips en eerlijk advies over kruidenmiddelen
Welke leefstijlveranderingen helpen bij hoofdpijn? 8 tips over slaap, houding en bewegen, plus eerlijk advies over kruidenmiddelen en hun veiligheidsrisico's.